De Gelderlander: Jeroen Mooren snel uitgeschakeld op WK

24 augustus 2011 - Het zijn de judotoernooien op mondiaal topniveau waarop de Nederlandse lichtgewichten ervaren wat ze missen: gelijkwaardige sparringpartners.Zowel Jeroen Mooren (gewichtscategorie tot 60 kilo) als Birgit Ente (klasse tot 48 kilo) kwam gisteren tot de conclusie dat ze door het jaar heen te weinig opponenten van gelijke sterkte in hun handen hebben. Het tweetal werd op de eerste dag van het WK in Parijs snel uitgeschakeld.

Door het gemiddelde postuur van de Nederlander is het niet vreemd dat ons land kwantitatief matig is vertegenwoordigd in de twee lichtste gewichtsklassen. De twee landgenoten die in deze categorieën uitkomen - Jeroen Mooren en Birgit Ente - weten er alles. Ze missen concurrentie in eigen land. En dus goede tegenstanders.

En dat is funest in een sport die alleen internationaal resultaat oplevert door extreem veel te oefenen. Zoveel mogelijk wedstrijdsituaties nabootsen om op de grote toernooien te weten hoe te handelen. Mooren (26, Nijmegen) en Ente (23, Haarlem) zouden het liefst het hele jaar niet anders doen.

Ente heeft dan nog het voordeel dat ze bij sportschool Kenamju in Haarlem zit, waar een grote verscheidenheid aan toppers en talenten rondloopt. Ze kan daar sparren tegen jongens van een jaar of vijftien. "Maar die waren er afgelopen periode niet, die gaan namelijk nog met hun ouders op vakantie."

Aan de nieuwe generatie Nederlandse meiden in haar categorie heeft ze niet veel. "Die willen vooral niet vallen tegen mij. De jongens durven tenminste te judoën, daar heb ik wat aan." Om toch in de juiste vorm voor het WK te komen, zat Ente afgelopen weken in Engeland. Noodgedwongen heeft ze een andere voorbereiding dan de rest van de Nederlandse ploeg.

Ook Jeroen Mooren realiseert zich dat hij zijn heil veel meer in het buitenland moet zoeken. Knokken met mannen die initiatief nemen, die het tempo van het gevecht bepalen. Zodat hij wordt gedwongen zijn handelingssnelheid te verhogen. In Nederland is hij altijd leidend in de partij, dat schiet niet op. "Om sterker te worden zal ik in de aanloop van de Olympische Spelen nog vaker naar het buitenland moeten", verklaart Mooren "In eigen land word ik niet veel sterker."

Door komend jaar in de aanloop naar de Spelen veel deel te nemen aan buitenlandse trainingsstages wil Mooren, die zijn studie geneeskunde tijdelijk op een lager pitje zet, de laatste stap naar de wereldtop maken. Want anders ligt het gevaar op de loer dat hij als eeuwig talent de boeken ingaat. De belofte van wie kenners dachten dat hij het zou maken, maar die vooralsnog alleen een bronzen EK-medaille (2010) in zijn prijzenkast heeft hangen.

Ook in Parijs stelde Mooren teleur. De pupil van Gerrie Theunissen opende en beëeindigde de wereldkampioenschappen met ippon. De beste Nederlander in de klasse tot 60 kilogram smeet eerst na 1 minuut en drie seconden Ahmet Babanijazov uit Turkmenistan uit het toernooi, maar liet zich vervolgens binnen twee minuten door Ilgar Moesjkijev uit Azerbeidzjan op zijn rug gooien. "Weer Moesjkijev. Hij ligt mij gewoon niet", mopperde de Nijmegenaar over de tegenstander van wie hij vier maanden geleden ook al op de Europese kampioenschappen in Istanbul verloor. "Hij is linkshandig en gewoon heel lastig om tegen te vechten. Dit is wel een klap voor mij. Ik had me echt heel goed voorbereid. Het duurt wel wat dagen voordat ik dit heb verwerkt. Daarna kijken we wel weer verder."

Ook voor Birgit Ente was het toernooi in de Franse hoofdstad snel voorbij. Na winst tegen de Koreaanse Bo Kyeong Jeong verloor de protégé van coach Benito Maij van de ervaren Frederique Jossinet. De drievoudig Europees kampioene uit Frankrijk, die twee jaar terug tijdens het WK in Rotterdam eveneens won van de geboren Alkmaarse, was vooral gewiekster dan Ente. "Op ervaring krijgt ze twee straffen mee", analyseerde Ente. "En daarna pakte ze heel veel tijdwinst op de grond. Ze weet precies wat ze moet doen."

Net als altijd moest Ente opnieuw veel afvallen om onder de gewichtsklasselimiet van 48 kilo te komen. Daar begint ze onderhand genoeg van te krijgen. Zo kort voor de aanloop naar de Spelen is het uiteraard een slecht moment om naar de -52 over te stappen, maar na Londen is het voor Ente een serieuze optie. Een nieuwe olympische cyclus van vier jaar zelfkwelling vindt ze niet bepaald een prettig vooruitzicht.

Bron: De Gelderlander

Website door Siteraise